Is een ander analyseren tolerantie?

Bron afbeelding: Pixabay

Dit is een reactie op een artikel. Om mijn reactie te begrijpen moet je dus ook even het artikel lezen. Het artikel verwijst naar de inhoud van een boek. Het boek heb ik niet gelezen. Disclaimer: om helemaal adequaat te kunnen reageren op het artikel zou ik wellicht ook het boek moeten lezen, dat geef ik toe. Anderzijds bevat het artikel inhouden die zwart op wit staan en waar los van het boek op te reageren valt. Het artikel geeft blijk van een bepaalde houding, en het is precies deze houding waar ik het over wil hebben.

Het artikel – en het boek – gaan over een groep mensen die veralgemenend met ‘wellness-rechts’ worden aangeduid. Ze drinken havermelk, doen aan yoga, zijn nogal sterk bezig met gezond leven, of toch wat zijzelf als gezond bestempelen, houden er voor de rest ideeën op na die met rechts worden geassocieerd, weigeren voor zichzelf en/of hun kinderen het covidvaccin en denken in termen van een wereldwijd vooropgezet plan. Dat soort dingen. Door velen worden ze neerbuigend als ‘wappie’ weggezet. De auteur van het artikel, Dilara Bilgiç, gaat er prat op dat zij dat laatste niet doet, en dat ze haar tolerante houding voor een deel te danken heeft aan het boek waar ze naar verwijst, namelijk ‘Eigen welzijn eerst’, van Roxane Van Iperen.

Want wat doet Van Iperen in haar boek: in tegenstelling tot vele anderen probeert zij de groep mensen over wie ze het heeft te begrijpen, en vindt ze allerlei verklaringen voor hun overtuigingen en gedrag. Kijk haar – en bij uitbreiding de auteur van het artikel – een keer goed bezig zijn: in plaats van te gaan schelden, doet ze haar best om te begrijpen. Ze stopt mensen in een hokje – ‘wellness-rechts’, en oh wat zijn we er trots op dat we dit zo ‘ns eventjes treffend gemunt hebben, ja hoor, natuurlijk mag iedereen die pakkende term overnemen, doet u maar gerust – en geeft via de beladen titel ‘Eigen welzijn eerst’ alvast een dwingende suggestie mee van ‘rechts’ en ‘egoïstisch’. Maar we willen jullie echt begrijpen, hoor.

Hallo? Is dit tolerantie? Het doet mij denken aan ouders die zichzelf heel verlicht vinden omdat ze hun best doen om het dwarse gedrag van een kleuter te duiden en dan met een hoog stemmetje dingen zeggen als: ‘Ach, het is omdat je in je nee-fase zit, schat.’ of ‘Je hebt je middagslaapje overgeslagen, lieverd, ik zie wel dat je daarvan overstuur raakt’. Is dat begrip? Nee, het is betuttelend en irritant.

Tolerantie betekent dat je niet alleen kijkt naar wat iemand motiveert, maar ook – en eigenlijk op de eerste plaats – dat je bereid bent om te luisteren naar de inhoud van iemands overtuigingen.

Tolerantie brengt je ertoe om te kijken wat het precies is waar die kleuter zo van door het dak gaat, en of het misschien ook niet ergens op slaat en of er wat aan gedaan kan worden.

Tolerantie wil zeggen dat je je over de meningen en oordelen van mensen met wie je het intuïtief oneens bent buigt en eerlijk onderzoekt of er elementen inzitten die wél hout snijden.

Dat is moeilijk, aartsmoeilijk zelfs. Ik zal niet beweren dat ik er zelf zo goed in ben. Maar het is nog moeilijker als je iemand van bij de start al een label toekent. Als je besluit dat iemand rechts of links is, onsympathiek of zelfzuchtig op grond van meningen of keuzes. Als je zo zeker bent van je eigen gelijk dat je vindt dat je de legitimiteit van andermans denken zelfs niet in overweging hoeft te nemen. De bevinding van Roxane Van Iperen, overgenomen door auteur van het artikel Dilara Bilgiç, is dat de mensen die ze als ‘wellness-rechts’ labelen gedreven worden door angst, vooral de angst om verworvenheden kwijt te raken. Lekker makkelijk: wat deze mensen precies denken slaat nergens op, maar we moeten ze begrijpen, want ze zijn bang. Kunnen ze misschien ook gedreven worden door een kritische instelling? Niet alles zomaar voor zoete koek slikken? Nee, ze zijn gewoon bang, punt.

Dilara Bilgiç schrijft in haar artikel: ‘ Zo wisselen sommige influencers in ‘de wellnesshoek’ hun online gesprekken over natuurlijke sapjes, alternatieve geneeswijzen en meditatie af met berichten over ‘vaccinatiedwang’ en het ‘grote plan’ dat erachter zou zitten.’

De herhaaldelijke aanhalingstekens en de toon maken het duidelijk: baarlijke nonsens, maar laat ik toch proberen te begrijpen waarom deze arme zielen zo dwalen.

Echt? Kan je welgemeend vinden dat er helemaal geen enkele vaccinatiedwang was en is? Als op alle mogelijke manieren geprobeerd is om elke burger ertoe aan te zetten? Als heel geregeld de kwestie van wettelijke verplichting op tafel lag en in sommige landen ook effectief is doorgevoerd? Als je zonder vaccin zowat uitgesloten werd van een deel van het openbaar leven? Om dan nog van vrije keuze te spreken, dat lijkt me toch wel vrijheid niet groter dan een spleetje van een millimeter of wat.

En nog eentje: dat geloof in een zogenaamd plan. Kan je ontkennen dat er een klasse van puissant rijken en machtigen is die heel duidelijke ideeën hebben over de kant die zij de wereld liefst zien opgaan, dat die ideeën bepaald niet voorzien in burgerparticipatie en democratische checks & balances en dat toppolitici uit heel de wereld met griezelige welwillendheid tegen dit soort mensen en hun clubjes aanschurken op bijeenkomsten in peperdure resorts?

Tolerantie is nuance, en die ontbreekt jammerlijk. Ja, het is pijnlijk om te zien hoe wat traditioneel met links en rechts werd geassocieerd verschuift. Hoe mensen die je eerder weldenkend vond plots extreme ideeën gaan aanhangen die je zelf niet kan onderschrijven. Maar laten we vooral de uiterste voorzichtigheid betrachten met woorden. Er zijn er die ik liefst meteen naar de prullenbak zou verwijzen: links, rechts, coronasceptisch, antivaxer, complotdenker, schapen, wakker, niet wakker. Zodra die hun intrede doen, is een gesprek bijna per definitie vergiftigd. Waarom? Omdat ze geen ruimte laten voor een breed spectrum aan meningen, en omdat ze zo beladen zijn geraakt met oordelen dat gesprekken meteen met een saus van emotie worden overgoten.

Fijn als je ervoor pleit om vooroordelen los te laten, zoals Dilara Bilgiç doet in haar artikel. Jammer als je vervolgens met een vooroordeel van jewelste – deze mensen zijn gewoon bang – iemand die anders denkt dan jezelf reduceert.

Misschien kunnen we zeggen, nadat we elkaars overtuigingen onderzocht hebben: ‘Hierover kan ik jou volgen, maar daarover niet.’

Of: ‘Leg me dat nog een keer beter uit, als je wil’.

Zodat we niet gaan lijken op slechte therapeuten die eindeloos met zichzelf ingenomen tegen een cliënt zeggen: ‘Het ligt aan uw onveilige hechting. En voor de rest valt het volledig te verklaren door uw dwangneurose.’