ballade voor een egel

 

aangereden egel langs de weg
in dit geval vermochten duizend stekels niets
hier ligt hij rauw en rood en heel erg dood
getuigen geen of toch niet
de moeite van het oproepen waard
kwaad opzet wellicht uitgesloten
politielint onnodig
dader noch voertuig gesignaleerd
alleen een eenzame fietser rijdt langs en honoreert
met korte stilte en enige gedachten over eindigheid
dan valt de nacht
niemand waakt begraving niet gepland
de dag daarop dunt hij tot bruine streep
en slijt net als het rood de dood

 

Foto Miguel Depoortere

Het gedoe dat liefde heet (1) – Forever mine …

Het houdt mij al jaren bezig: de manier van liefdesrelaties aangaan en beleven die algemeen als normaal wordt beschouwd in onze westerse samenleving. Ik ervaar ze als dwingend en verstikkend en kan er niet goed mee omgaan. In mijn persoonlijk leven probeer ik het anders aan te pakken, maar ik ervaar keer op keer dat afwijken van relationele normen heel moeilijk is als de meeste mensen rond je van de stilzwijgende standaard uitgaan.

Wat ik bedoel? Ik bedoel: kijk rond je naar koppels en kijk naar jezelf. Wanneer ik dat doe, zie ik in relaties tamelijk algemeen dezelfde fenomenen, en ik zal niet beweren er zelf helemaal vrij van te zijn:

  • 1001 verwachtingen ten opzichte van elkaar koesteren
  • het volkomen evident vinden om er zulke uitgebreide verwachtingen op na te houden
  • levenslange exclusiviteit in het gevoelsleven van de ander opeisen
  • gedrag vertonen dat er in de praktijk op neerkomt elkaar wederzijds in bezit te hebben zonder dat we dit zo benoemen.

Waarom verwachten we om te beginnen zo veel? Omdat we de ander zelf hebben uitgezocht op basis van de duizelingwekkende intensiteit van aantrekking en verliefdheid. Partners worden we niet meer omdat onze ouders of een religieuze instantie ons geschikt voor elkaar vinden of omdat onze relatie een goede economische match zou zijn. Nee, de ander is onze persoonlijke uitverkorene: we hebben hem of haar, zonder inmenging van anderen, uit de massa gelicht op basis van criteria die voornamelijk emotioneel en affectief zijn. We hebben besloten dat hij of zij hét is, de ware, enige, bijzondere met wie we een unieke, alleen door ons beiden te doorgronden, onvervangbare band hebben.

Met zulke onuitgesproken achterliggende visie laden we zonder het goed te beseffen een groot gewicht op onszelf en onze partner. We verlangen en verwachten enorm veel. Een partner moet zowat de talenten en vaardigheden van een superheld of -heldin in zich verenigen. Moet beste maatje en verleidelijke seksgod(in) zijn, vertrouweling, conversatiepartner, steun en toeverlaat, betrouwbare ouder en noem maar op. Hebben we een relationele behoefte, dan denken we er automatisch van te mogen uitgaan dat de ander die moet kunnen vervullen. We willen dat er echt naar ons wordt geluisterd, we willen deel kunnen hebben aan de intieme binnenwereld van de ander, we willen ten allen tijde begrip kunnen ervaren, zachte huiselijkheid en koestering krijgen, maar ook wel als het zo uitkomt avontuurlijke uitjes beleven, uitdagende en speelse dingen doen die ons zelfs na jaren relatie nog weten te verrassen en natuurlijk een seksleven dat spannend en opwindend blijft. Het volstaat om iets te willen, waarop een verwachting ontstaat waarvan we vinden dat de ander ze moet invullen. Liefst van al ook zonder dat we helder en concreet hebben geformuleerd wat het precies is wat we willen. De ander moet het aanvoelen, want expliciet zijn, dat doet afbreuk aan de romantiek. Als onze partner aan onze woordelijk geformuleerde verzoeken voldoet, dan is hij of zij toch niet veel meer dan een gedweeë robot, toch? Nee, de ander moet het uit zichzelf weten en voelen, wat wij zo graag willen.

Daar komt nog bij dat we alles doorgaans heel evident vinden. Het is niet zo dat de partner die er redelijk in slaagt aan onze resem verwachtingen te voldoen op onze grenzeloze en nederige dankbaarheid kan rekenen. We vinden het niet meer dan normaal.

De status die we allebei ten opzichte van elkaar hebben van uitverkoren zijn maakt ook dat anderen uit onze verhouding worden buitengesloten en we elkaar als het ware een ongeschreven exclusiviteitscontract laten ondertekenen. Uitverkoren zijn betekent de enige zijn, op een voetstukje staan waar maar plaats is voor één. We garanderen elkaar permanent de exclusiviteit. En omdat dit zo’n bijzondere en emotioneel beladen status is, kan hij niet worden ingetrokken of beëindigd zonder dat het ingrijpende en bijzonder pijnlijke gevolgen heeft. Daaruit volgt onvermijdelijk dat de exclusiviteit die we bieden zich ook eindeloos moet uitstrekken in de tijd. Ideaal zou ze eigenlijk levenslang moeten zijn.

In de praktijk betalen we voor uitverkoren en exclusief zijn een hoge prijs. Het creëert scherpe geboden en verboden. Het komt erop neer dat we voor iemand met hetzelfde geslacht als onze partner geen tedere gevoelens meer mogen koesteren, dat we geen vrijheid meer hebben in omgang, in persoonlijke gesprekken voeren, in actief zijn op sociale media, communicatie via sms of e-mail, afspreken op café, restaurant, in de bioscoop, en natuurlijk is ook fysieke en seksuele intimiteit met een andere man of vrouw verboden. We geven al die vrijheden die we ooit probleemloos genoten op in ruil voor het statuut van uitverkorene.

De facto worden we daardoor elkaars bezit. Want wat ben je anders als de ander van jou en jij van de ander mag verwachten dat jouw intieme geestelijke inhoud, jouw meest persoonlijke passie, de gevoeligheid van je zintuigen en je lichaam, je vermogen om liefde en tederheid te ervaren en uit te drukken zich alleen nog mogen richten op die ene persoon, alleen nog met haar of hem mogen gedeeld worden?

In de meeste literatuur en artikels over liefdesrelaties wordt deze normaal bevonden constellatie van uitverkiezing, verwachtingen, exclusiviteit en bezit niet in vraag gesteld. Het wordt beschouwd als de manier waarop liefde en relatie nu eenmaal in elkaar zitten. Er wordt ook gesuggereerd dat er bij wie anders functioneert iets fout is. Wie moeite heeft met dit exclusieve 1-1-model mist vast essentiële dingen in de relatie (en moet proberen dat gemis op te lossen door er hard aan te werken met de partner), zal wel een probleem hebben met hechting of heeft wat voor blokkade dan ook en is daardoor niet in staat tot diepe intimiteit met één persoon. Lees: als jij moeite hebt met het gebruikelijke westerse relatiemodel dan ben jij diegene die abnormaal en disfunctioneel is, want aan het relatiemodel zelf schort op zich niets.

Wel, ik vind dus heel erg van wél. Ligt het alleen maar aan onze menselijke imperfectie dat zoveel relaties stuklopen en dat overspel en geheimhouding bijna eerder regel dan uitzondering zijn? Of hebben we met ons gebruikelijke relatiemodel de lat voor elkaar zo hoog gelegd, de standaard zo dwingend gemaakt dat bijna elk van ons vroeg of laat zal struikelen? Ik denk dat het dat laatste is. Na verloop van tijd merken we dat een pact van verwachtingen, exclusiviteit en bezit weinig of geen ruimte laat voor groei en ontplooiing, voor evolutie en verandering, allemaal elementen die wezenlijk zijn in onze menselijke natuur en die we zeker in een langer durende relatie niet kunnen negeren als we onze persoonlijke integriteit willen behouden.

De conclusie die ik voor mezelf trek is: er is niks mis met mij, er is wel iets aan de hand met de standaard perceptie en de normen op het vlak van relaties. Daaruit volgen vanzelf de vragen:

Hoe moet het dan anders?

Is het mogelijk om minder van elkaar te verwachten en ook gelukkig te zijn, of misschien gelukkiger?

Kunnen we het begrip trouw op een andere manier invullen?

Is er ook nog intimiteit mogelijk met een ander buiten je relatie zonder dat dat op bedrog of ontrouw neerkomt en hoe dan?

Zou het ook een impact hebben op de samenleving als we elkaar minder beschouwden als ons exclusieve bezit?

Genoeg stof tot nadenken voor een volgende keer.

 

 

 

‘De heilzame depressie’

Mag ik het nog eens over de menopauze hebben? Wie zich – testosteronvat zijnde of onder 40 – niet aangesproken voelt, klikt maar gewoon weg. Bij uitbreiding gaat het ook over ouder worden, en daar komen we in ieder geval allemaal zonder uitzondering ooit aan toe.

Ik lees wel eens wat hier en daar – understatement, ik ben een onvervalste letterveelvraat – en als het over de menopauze gaat, valt dit me op: alle auteurs – vrouwelijke auteurs, ik heb eigenlijk nog geen mannelijke auteurs over dit topic gelezen – willen weg van het beeld van die zielige vrouwen die nu onvruchtbaar en dus oud, afgeschreven en on-sexy zijn. Begrijpelijk, en niemand kan daar rouwig om zijn. Dat beeld klopt ook niet, of niet meer. Maar het lijkt wel alsof de menopauze-schrijfsters de beeldvorming dan maar ineens met de hardnekkigheid van een terriër helemaal de andere kant op willen sturen.

Vrouwen van 50+ zijn oh zo sexy, ‘forever young and beautiful’, klaar om met één grote zwiep alle bullshit uit hun leven te schrappen – die knullige man die hen nooit een orgasme heeft bezorgd inbegrepen – en de switch te maken naar een sensationeel-denderende nieuwe levensfase waarin ze plots alle gefrustreerde droompjes die ze nooit gerealiseerd hebben toch zullen doen uitkomen. Misschien overdrijf ik een beetje, maar daar komt het toch wel wat op neer. Het lijkt mij perfect te passen in onze tijdgeest van maakbaarheid. Als je het maar genoeg wil en er hard genoeg voor gaat, is alles mogelijk. Menopauze wordt het zoveelste ding in het vrouwenleven waaraan hard moet gewérkt worden (en vrouwen ploeteren zich doorgaans al te pletter). Alles staat daarbij in het teken van beheersbaarheid en verbetering, en het gaat voornamelijk over het lichaam. Als je het zo eens inschat, moeten vrouwen in de overgang zowat 24 uur per dag bezig zijn: met fysieke oefeningen voor elk verslappend deel van hun lijf, met de juiste supplementen kiezen en ze slikken, met hun borsten en bekkenbodem inspecteren en in topvorm houden, met fillers / botox / een plastische ingreep overwegen en laten uitvoeren, met hun carrière-omslag plannen en hun oerdroom verwezenlijken.

Kortom: actie! Durf dat verleidelijke vijftigers-hoofdje niet te laten hangen! De vlotte woordspelingen zetten het nog eens goed in de verf: ‘menopower’, ‘me? no pauze’. Vrouwen boven de 50 worden ‘wifty’ (Women Over Fifty), en zeg nu zelf, dat klinkt als een kruising tussen speels en lichtjes wuft.

Nu voel ik mij door 50 te worden niet ineens een oud wijf dat maar beter een knotje of een korte bijgekleurde coupe kan hebben en een stel breipennen moet aanschaffen. Maar toch denk ik: waar is de ruimte om bewust te mogen en ook moéten ervaren dat niet alles onder controle kan worden gehouden en te perfectioneren valt? Waarom zegt niemand dat overgaan van vruchtbaarheid en leven kunnen geven naar zachtjes ouder worden en je gezicht en lichaam zien veranderen ook minder leuke kanten heeft die vaak weinig te sturen vallen? Dat het misschien ook wel de bedoeling is dat we dit zo bewust mogelijk ervaren in plaats van elk aspect ervan krampachtig te verdoezelen of meteen te bombarderen met praktische oplossingen.

Ik geef toe dat ik me eerder ook wat blind heb gestaard op alle fysieke menopauze-kwaaltjes die altijd in veel te lange lijstjes worden opgesomd, maar toen ik mij onlangs weken aan een stuk in onverklaarbare somberheid gedompeld voelde, begon het te dagen. De overgang is ook al die gevoelens die horen bij deze scharnierfase in het leven:
bang zijn voor fysieke aftakeling en het onbekende wat in het verschiet ligt,
rouwen om het verlies van jeugdige schoonheid en deuren waarvan je het gevoel hebt dat ze dicht gaan,
boos zijn om de rotkop die je soms in de spiegel ziet of het verslappend vel op je buik dat alle crèmes en wonder-oliën ten spijt nooit meer helemaal stevig wordt,
twijfels over de weg die je naar het heden heeft gevoerd en hoe je verder wil,
verdriet over wat je aanvoelt als mislukkingen en die je blijkbaar maar niet weet te integreren,
onbestemde somberheid over dingen die je niet echt weet te benoemen …

Moet dit soort vervelende dingen opgelost worden met hormoonsubstitutie – want het is toch vooral hormonaal allemaal? – of met aangepaste voeding, oefeningen, pillen en ingrepen? Ik hoop van niet. Ik wil best een vitamientje of plantenextract slikken als ik daarmee de scherpe hoeken wat kan afronden, maar ik hoop dat die fameuze overgang ook doodgewoon mag zijn wat het is: met vallen en opstaan leren om goed ouder te worden, met ook alle intense gevoelens die daarbij horen. Met de realiteit dat een ouder lichaam en gezicht ook heel mooi kunnen zijn, maar dat er hoe dan ook iets verloren gaat wat ons dierbaar en eigen was en we die realiteit recht in de ogen moeten zien. Dat zijn trouwens verouder-taken waar mannen net zo goed voor staan als vrouwen. Bij hen heet het misschien eerder midlife, maar in wezen komt het op hetzelfde neer.

Laat dit dus een pleidooi zijn voor de onverbloembare ‘kut-kantjes’ van de menopauze, de kwetsbaarheid, de lelijkheid, het verlorene. Dat ze er mogen zijn en we niet meteen weer hup-en-flink powerwoman moeten zijn. Als we ze kunnen zien als de modderige bodem waarop ongetwijfeld iets anders en nieuws gaat groeien, kan de overgang naar de volgende levensfase misschien de ‘heilzame depressie’ zijn, waarover Marie de Hennezel het heeft in haar boek over ouder worden ‘De warmte van het hart voorkomt roest’.

Ik ga ervoor.

Ik wou dat er iets bijzonders

ik wou dat er iets bijzonders maar wat
het bijzondere dat je kan bedenken
is dat niet langer
een cadeau krijgen waarvan je al weet wat erin zit

ik wou dat er iets bijzonders
bijvoorbeeld dat jij terugkwam en zei
ik meende het niet natuurlijk niet
en keek zoals daarvoor
alsof je mij warm toedekte met je ogen

ik wou dat er iets bijzonders
bijvoorbeeld dat de stilte van de nacht
trouwde met de ochtendnevel in het weiland
en er op de middag een miljoen boterbloemen
bloeiden tussen de koeien

ik wou dat er iets bijzonders
een wonder magie vrede genezing
harten die te lijmen vallen als kopjes met een oor af
en kinderen die je na het spelen schone kleren aantrekt
haren kamt gezichtjes boent

ik wou dat er iets bijzonders

Ultieme droom? Nee, danku.

Ik heb een tijdje geleden gezegd dat als er nog iets te melden viel over de aankomende menopauze ik het hier zou vertellen. Nu stel ik vast dat wat er mij de laatste tijd fysiek of mentaal ook overkomt ik denk: ”t Zal de menopauze wel zijn zeker?’. Een dag hondsmoe met watten in de kop: menopauze zeker? Jeuk achter mijn oren, vettig haar of te veel gesnoept: de menopauze zeker? Nu ja.

Wat ik denk dat er wel mee te maken heeft: ik ben de evidenties van onze knettergekke doe-maatschappij spuugzat. Wat ik bedoel? Onder andere dit: je komt iemand tegen die je al een tijdje niet meer gezien hebt en de vraag luidt ‘Oh, en waar ben jij zoal mee bezig de laatste tijd?’. Versta: je moet iets zodanig geweldigs en sensationeels in de maak hebben dat het entertainend genoeg is voor je gesprekspartner.

Waar het zich nog in uit? In de goedbedoelde maar eigenlijk ook wel ferm opgeklopte boodschappen die we aan één stuk onze strot in geramd krijgen. Bereik je potentieel! Vervul je soul quest! Volg de ware weg van je hart! Je kan wonderen tot stand brengen! Realiseer je ultieme droom! Wees diegene die jij écht bent! 10 geheime tips voor jouw persoonlijke succes! Vind je droomjob/ het geluk /de vervulling/ de ware/ je diep verborgen talent/ je roeping … En zo kan ik nog wel even doorgaan.

Ik geef toe, ik laat me daar ook door verleiden. Wie wil er nu niet een kortere route naar meer geluk of geld, verpakt in hoera-sfeer met een licht spiritueel sausje erover? De keerzijde daarvan is: er wordt echt wel van ons verwacht dat we ‘het maken’. Zeventien yes-you-can-boeken gelezen en nog altijd niet in Patagonië aan het backpacken in je dooie eentje, nog steeds niet de omzet van je zelf uit de grond gestampte hippe business verdubbeld of verhuisd naar een tiny house op de Russische steppe? Ja sorry, maar dan ben je echt wel een hopeloos geval.

Ik zeg het je: al dat overgespannen dromen-realiseren-getoeter zet ons in een snelkookpan en binnenkort ontploffen we. De laatste tijd weet ik het eerlijk gezegd niet meer. Ik weet niet goed meer of ik nu per se mijn eerste dichtbundel op de wereld wil krijgen of pianoles wil gaan geven, een vrouwenworkshop organiseren of weer eens een ‘project’ opstarten. Geen hond zit op die dichtbundel te wachten, misschien heb ik geen talent om les te geven, voor die workshop schrijft geen vrouwmens zich in en maffe projecten heb ik al wel een paar keer eerder uit mijn hoed getoverd. Misschien heb ik wel totaal geen ultieme droom in de la liggen nu. Misschien  ….

WIL IK WEL HELEMAAL NIKS NU!

Of laten we zeggen:

Ik wil nu mijn planten water geven, nah!

Ik wil nu tot in mijn haarwortels genieten van het glas naar de glasbak brengen (zalig toch dat kapotvallen-geluid?).

Waarom zou ik niet eens op zoek gaan naar een job met de minste poespas en de kleinste intellectuele uitdaging die ik maar kan vinden (voor zover zoiets nog bestaat?)

Ik wil nu besluiten – nee, ik heb al besloten – dat er niks speciaals, zelfverwezenlijkends, magisch hoeft te gebeuren.

Gedaan met die tralala!

De eerstkomende tijd ga ik mezelf toestaan hartsgrondig geen zin te hebben, hier en daar mijn voeten aan te vegen en misschien is zo vaak mogelijk naar de sauna gaan ook wel een idee. En wie weet gaat er in de vruchtbare modder van al dat met de middelvinger opgestoken leven wel weer een (liefst heel rustig) plan broeden.

Slapeloos gedicht over knopen

Soms kan ik niet slapen. Kan ik dan niet slapen omdat er een gedicht moet worden geschreven? Of schrijf ik een gedicht omdat ik niet kan slapen? Ik zal het me maar niet afvragen.

 

gordiaans

er zijn knopen en daar lig je in
een lus een acht
gooi je je lasso uit dan vang je eigen enkels
bot of hoogstens een paar trage vliegen
hollywoodauto’s in lege landschappen zijn echt niet meer voor jou
nee jij gaat nergens heen
je surft op het droge je bent zelf de plank
dat dat geen compliment is weet je dame
zelfs geen luis in de pels kan je je wanen
wel zo’n wijfje van die
veel te erg verbreide soort
wat heb je toch
een stelletje kinderen schurft en kolder in je kop
overschot aan recepten voor
granola allesreiniger en liefdesverdriet
misschien ben je herkenbaar
misschien wisselt iemand je nog net in voor
een badhanddoek een mok een pannenset
of word je op de valreep gered ontwar je
maar dan DIY en zonder goeroes of godinnen

knoop