Dag 5: Padova – Ferrara – Ravenna

Wanneer ik opsta, is het bewolkt, maar droog. Ik besluit dat het niet meer gaat regenen en verban mijn regenjas naar de catacomben van mijn rugzak. Mijn dagplan houdt in om vanavond pas in Ravenna aan te komen, wat betekent dat ik de hele dag die rugzak moet meedragen. Ik heb er weinig zin in, maar zie het als opwarming voor de vier stapdagen die mij te wachten staan volgende week.

Kwestie van wat inhaalwerk te doen op de Unesco-Werelderfgoedlijst ga ik voor ik Padua verlaat nog de Orto Botanico bezoeken. Altijd een beetje dubbel om in mijn eentje te doen, zoiets. Ik beschouw botanische tuinen als natuurlijke habitats van mijn partner de BMF (bomen- en plantenfluisteraar) en als plekken waar ik niet helemaal thuis hoor. Een vreemd gevoel. Elke keer ervaar ik een lichte stress, alsof ik voor twee moet kijken en ervaren, wetend dat mijn zintuigen niet tegen die taak opgewassen zijn. Tegelijk mis ik de BMF dan ook wel. Deze Orto Botanico staat onder andere op de werelderfgoedlijst omdat het de oudste botanische tuin in Europa is die zich nog op de oorspronkelijke plek bevindt. Het centrale gedeelte is rond en ommuurd en onderverdeeld in een geometrisch patroon . Op verschillende plekken zie ik mensen aan het werk, alles ziet er schitterend onderhouden uit.

Ik heb gepland om op de middag de trein te nemen naar Ferrara en daar een tussenstop te maken. Ik hoef me niet te haasten en laat mij verleiden wanneer de geur van versgebakken pizza uit een kleine snackbar waait. Soloreizen heeft mij geleerd om dit soort impulsen altijd te volgen. Bedenken dat het nog geen etenstijd is of er verderop vast nog iets lekkers te vinden is, leidt meestal tot spijt achteraf. Leve de Italiaanse gewoonte om grote pizza’s in rechthoeken te snijden en als street food te verkopen. Ik kom er niet uit of ik moet hopen dat het ook in onze contreien doordringt of dat het toch maar exclusief bij de Italiësfeer moet blijven horen.

Na een uur treinen kom ik aan in Ferrara. Het ligt op mijn route en zou een bezoek waard zijn, dus ik wil er niet zomaar voorbij sporen. Ik heb me voorgenomen om wat rond te dwalen en geen ambities te koesteren om iets specifieks te bezichtigen. Er is een kasteel (Castello Estense), een Palazzo dei Diamanti, een Cattedrale in de steigers, een typisch plein. Ook een kleine Orto Botanico die er wilder en romantischer uitziet dan die in Padua. De rugzak weegt op mijn rug en ook wat op mijn gemoed. Ik probeer mezelf gerust te stellen dat er kilometers mee malen vast veel beter zal meevallen dan slenteren in een stad. Wanneer ik op weg ga naar het station gebeurt er een wonder: de zon breekt door de wolken. Alles ziet er plots zo anders uit dat er een ijsje bij hoort.

Op een plein blijf ik hangen. Een leeg terras bij een gesloten café is een welkome zitplek. Verderop oefent een groepje jongeren choreografieën met vlaggen. Het doet mij denken aan Siena, waar dit een heel vertrouwd zicht is. Het gaat er losjes aan toe, de vlaggen worden meestal opgevangen maar vallen ook regelmatig, af en toe ziet het er allemaal strak uit. De begeleider is een oudere man. Mooi om te zien hoe ernstig deze tieners het erfgoed van hun stad aanleren van generatie op generatie. Wanneer ik bijna bij het station ben, hoor ik trommelgeluid vanaf een schoolplein, wat ik ook weer associeer met Siena, en wel met de palio, de paardenrace die daar elke zomer plaatsvindt. Wanneer ik het later opzoek, blijkt dat ook Ferrara een jaarlijkse palio heeft en het net als in Siena een wedstrijd tussen stadswijken is, die elk hun trommelaars en vlaggenzwaaiers hebben en een jockey en paard inhuren.

De verdere treinreis naar Ravenna duurt een kleine anderhalf uur, maar voelt een stuk langer: het eerste kwartier brult een kind aan één stuk, de trein is een Regionale en maakt dus veel stops, bijna iedereen stapt na enkele haltes weer uit behalve ik. In Ravenna is het zonnig en aangenaam warm. Kan ik de (Adriatische) zee ruiken? Niet echt, de stad ligt een stukje landinwaarts. Mijn verblijfsplek voor de komende drie nachten is snel gevonden. De eigenaar brengt mij via een rommelig binnenplaatsje naar een heel ok’e kamer. Ik ga nog wat op eerste verkenning, stel vast dat Ravenna net als Padua bijzonder geanimeerd is op een avond in het weekend en verkeer een beetje in etensnood. Geen zin om op restaurant te gaan, maar wat zijn de alternatieven? Het wordt een piadina (gevuld platbrood, de lokale tortilla zeg maar) met een Birra Moretti. Niet bijzonder lekker, maar soms is de honger stillen op een terrasje en opgenomen zijn in de avonddrukte al meer dan genoeg.

Gepubliceerd door


Plaats een reactie