Zondag en er hoeft helemaal niets. Geen staptocht, geen vooruitzicht om vanavond elders te zijn. Na passages in 2022 en 2023 – en een allereerste in 1986 waarvan ik alleen nog wat losse beelden heb – voelt Siena een beetje als een alternatieve thuis. Ik maak graag reclame voor Italiaanse steden waar ik eerder was – Genua, Bologna, Napels, Sorrento, Bari, aangevuld met Ravenna tijdens deze reis – maar Siena is een ‘specialleke’. Het stadsbeeld, de sfeer, de uitzichten, pleinen, kerken maken stilaan deel uit van mijn innerlijke bedrading. Telkens wanneer ik er ben, word ik een kerstboom waarin de lampjes van herkenning oplichten. Misschien bestaat er zoiets als ‘plekvreugde’, het bijzondere gevoel van vervulling dat je kan hebben in een vertrouwd landschap of een stad waar je van houdt. In Siena ervaar ik plekvreugde.
De meeste musea en bezienswaardigheden heb ik hier al ‘gedaan’, sommige meer dan eens, dus er is geen enkele druk om lijstjes af te werken. Ik ga zonder plan de deur uit. Een dag in Siena moet wel steevast beginnen op de Piazza del Campo, gewoon een beetje zitten en rondkijken is genoeg. De gezinnen met kinderen, groepen toeristen met gids, de visgraatsteentjes, de toren van het Palazzo Pubblico, het klokje in de Torre del Mangia dat elk half uur een onmelodieus geklep laat horen, als een kapotte gitaarsnaar.


Wanneer ik de Campo oversteek komen plots zwaaiende armen in beeld op een terras. Het zijn JL en A, het Franse koppel dat ik leerde kennen tijdens het stappen. We hebben gisteren afscheid genomen, maar blijkbaar moeten we dat nog een keer opnieuw doen. Ik moet gaan zitten en iets meedrinken. We babbelen nog wat en dan moeten zij echt weg, richting station.
Siena is vol vlaggen en tromgeroffel, niks ongewoons voor een stad die leeft op het ritme van de feestdagen van de patroonheiligen van de stadswijken. Elke keer dat ik er was, zag ik wel een optocht of werd ik midden in de nacht uit bed getrommeld.

In de onopvallende kerk tegenover de Duomo ben ik nog nooit geweest. Tot mijn verrassing zijn er twee werken van Berlinde De Bruyckere tentoongesteld (Mantel I en II).

Een bezoekje aan de Duomo (Cattedrale di Santa Maria Assunta) met haar karakteristieke banden van wit en zwart marmer kan echt niet worden overgeslagen. Vaak vergt het geduldig aanschuiven voor een ticket en dan nog een keer een lange rij om binnen te raken, maar op dit uur is het verbazend rustig. Ik koop een combiticket waarmee ik ook de cripte, het baptisterium en nog wat andere dingen kan zien die ik niet eerder zag. Binnen blijkt een groot deel van de prachtige marmeren vloeren afgeplakt met tapijt en bedekt met stoelen. Dat verklaart waarom het ticket 2 € goedkoper was dan normaal. Ik ben blij dat ik het allemaal al eerder heb kunnen bewonderen. De Sybillen in de zijbeuken zijn nog wel te zien.


De Duomo staat op een plek waar in de vroege middeleeuwen al een katholieke kerk stond. In verschillende fases werd er bijgebouwd en uitgebreid tot in de 12e eeuw de huidige vorm ontstond. Indrukwekkend genoeg, maar de ambities van de Siënezen reikten nog verder. Het plan was om de kathedraal op te nemen in een complex dat dubbel zo groot zou worden. De bouw ervan werd gestart, maar de werken werden in de 14e eeuw definitief stopgezet, onder andere wegens de pest die in 1348 huishield. De onvoltooide vleugel ziet eruit als een enorme façade die aan de kathedraal vasthangt en die je via smalle wenteltrapjes kan beklimmen. Helemaal boven kan je genieten van het Panaroma del Facciatone. Aan de ene kant kijk je richting Campo, aan de andere richting kathedraal. Leuk om nog iets nieuws te ontdekken.



Eerder tijdens mijn reis legde ik mezelf een streng verbod op om andere dingen dan voeding te kopen. Met vier stapdagen in het vooruitzicht kon ik me absoluut geen extra kilo’s in mijn rugzak veroorloven. Nu mag het wel. Een paar Italiaanse boeken kopen bij Libreria Senese, daar heb ik echt naar uitgekeken. Mijn Italiaans is nog steeds heel basic en over een roman kan ik maanden doen, maar het plezier van in de oorspronkelijke taal lezen maakt dat goed.
De dag gaat verder op aan ronddwalen, allerlei bekende plekken opzoeken, nog wat foto’s maken terwijl de avond valt, de laatste pizza op een straathoek, het laatste ijsje. Er was regen voorspeld, maar het is de hele dag droog gebleven. Morgen gaat het richting noorden, overmorgen huiswaarts.


Plaats een reactie