
Misschien is het de vraag die ik me het allervaakst stel: wat doe je voor de wereld? Er komen ook wel antwoorden op: ik probeer mijn werk goed te doen, er te zijn voor partner, kinderen, moeder, vrienden, de aarde niet te hard te belasten door zo groen mogelijk te leven, ik doneer wat hier en daar, doe vrijwilligerswerk. Dat soort dingen. Maar genoeg vind ik het niet. De antwoorden voelen altijd te slap. Ik krimp met enig schaamrood in elkaar wanneer ik zie, hoor, lees hoeveel meer sommigen doen. Hoe ze heldhaftig, dwars, rechtuit. Aanklagen, opkomen, lijfelijk desnoods.
Ik heb het gedaan. Moest het echt proberen. Burgerlijk ongehoorzaam. In zo’n wit pak, geen gsm of papieren bij, kwestie van anoniem te blijven. Politie-cordon om ons heen. In elkaar haken en stand houden tegen het trekken, sleuren aan armen en benen. Tegen de grond gedrukt worden, armen op je rug, geboeid met ziplocks, in een bus gestopt, uren wachten bij een politiecommissariaat. Het was niet traumatiserend, wel indringend. We waren met velen en de overtuiging dat we allemaal voor hetzelfde stonden en niemand zou gaan schreeuwen, spuwen, slaan of schoppen om zich te verdedigen voelde eindeloos krachtig en veilig.
Toch heb ik het intussen niet meer opnieuw gedaan. Misschien ben ik bang dat het een volgende keer niet zo zal meevallen. Dat ik gewond raak, slecht behandeld word, vernederd. Misschien mis ik mensen met wie ik het echt zou zien zitten om samen actie te voeren. Zeker ben ik bang voor het repressieve klimaat tegen activisten. Voor je het weet sta je in de rechtbank of heb je een reuzenboete beet. Ik denk niet dat ik martelaarschap over heb voor wat ik belangrijk vind. Ook al neem ik mezelf dat soms kwalijk. Tenslotte moet iemand het doen. Als we zwijgen en ons koest houden gaat het verder: verrechtsing, verwoesting, ultrakapitalisme, de autoritaire reflex die de democratische langzaam voortkruipend wegdrukt. Zoals zovelen wil ik dat niet: een brute, elitaire, gevoelloze, hermetisch afgegrendelde samenleving waarin we alleen nog aan onze koopkracht verknocht zijn en overtuigd dat meer wapens en oorlogsretoriek bescherming bieden.
Dus wat kan ik doen dan? In mijn hoofd komt – ironisch – een marketingterm op: USP, Unique Selling Point. Dat wat een product duidelijk onderscheidt van een ander, gelijkaardig product en zo een meerwaarde biedt. Ik pas het aan en maak er UGP van, Unique Giving Point. Wat is het mijne? Op welke manier kan ik het meeste van mezelf geven, wat past het beste, kan ik het langst volhouden ten dienste van de wereld (ok, het klinkt een beetje gezwollen). Ik weet wel wat dat is: schrijven, natuurlijk. Niet omdat ik dat het liefste wil – liever was ik een activist die weken in weer en wind in een boom leeft zodat die niet wordt omgehakt – wel omdat ik uit ervaring weet dat ik er nu eenmaal beter in ben. Omdat het datgene is waarop mensen reageren wanneer ik het doe. Met enthousiasme, of dank. Het gaf hen iets, blijkbaar.
Het is een veel zachtere manier van reageren op de wereld, dat besef ik. Ik blijf erop broeden of het genoeg is. Hoe ik kan schrijven, maar ook echt actief zijn. Er zijn wat ideeën die graag naar buiten willen en tegelijk uitvluchten zoeken om binnen te blijven. Voor nu moet het volstaan. Ik lees over hoop. Ik hoop.
‘Wat is hoop eigenlijk … een emotie?’
‘Nee, het is geen emotie.’
‘Wat is het dan?’
‘Het is een aspect van ons voortbestaan.’
‘Is het een overlevingskunst?’
‘Het is geen kunst in die zin. Het is meer ingebakken, dieper. Het is bijna een gave. Kom op, bedenk een ander woord.’
‘Vermogen? Aanleg? Talent?’
‘Talent zou kunnen. Talent, kracht. In die richting.’
‘Een overlevingsmechanisme …’
‘Beter, maar minder mechanisch. Een overleving …’ Jane viel even stil. Ze probeerde de juiste term te bedenken.
‘Impuls? Instinct?’ probeerde ik.
‘Eigenlijk is het een eigenschap om te overleven’, concludeerde ze ten slotte. ‘Dat is het. Het is een eigenschap zonder welke we niet overleven.’
Jane Goodall in gesprek met Douglas Abrams in ‘Het boek van hoop / Levenslessen voor een mooiere toekomst’ (2021)
Foto: Banksy, Flower Thrower, 2019
Plaats een reactie